Naast het werk met klachten van het bewegingsapparaat is Maarten van Essen bijna 11 jaar werkzaam geweest en opgeleid tot bedrijfsarts. Zodoende was het voor de hand liggend dat hij in 1997 het initiatief nam om een multidisciplinair samenwerkings-verband te vormen om RSI-klachten aan te pakken: het Neder-lands RSI Instituut. Vanuit deze achtergrond raadpleegde De Gezondheidsraad hem in 2000 als deskundige, een rol die hij nog eens vervulde op het Medisch Interfacultair Congres van 2002. In het werk met RSI-patiënten deed hij sinds 1998 veel ervaring op met oppervlakte-EMG (S-EMG) technieken. Deze kunnen zowel gebruikt worden als onderzoeks- en analyse-instrument als trainingsinstrument. Hij volgde vele workshops in binnen- en buitenland verzorgd door de Bio-feedback Foundation Europe. Gezaghebbende namen als Peper, Gevirtz en Sella verzorgden deze workshops.
In 2001 maakte een patiënt met een zeer positief verhaal duidelijk dat IMS bij chronische klachten de moeite van het toepassen waard is. Nieuwsgierig geworden maakte Van Essen in 2002 eerst in Noorwegen, later in Canada (Vancouver) kennis met prof dr C.C. Gunn. Gunn is de grondlegger van de neuropatische zienswijze bij chronische pijnklachten. In de eigen praktijk en bij het werken in een revalidatiekliniek voor moeilijke rug- bekken- en nekklachten bleek in de jaren 2003-2006 dat IMS bij een aantal moeilijke problemen een doorbraak kan betekenen.